Workshop seriematig aanbesteden: antwoord op schaarste en vervangingsdruk in de infrastructuur
In een tijd waarin de infrastructuursector te maken heeft met toenemende vervangingsopgaven, personeelskrapte en druk op capaciteit kan seriematig aanbesteden uitkomst bieden zo bleek tijdens de workshop op 23 april. Deze eerste workshop over seriematig aanbesteden bracht juridische, organisatorische en praktische perspectieven samen. De workshop is de eerste in een reeks die wordt georganiseerd door De Bouwcampus, in samenwerking met CMS en Tauw.
De sessie werd geopend door Harald Versteeg, die deelnemers direct liet reflecteren. Hij vroeg: “Welk verschil merk je, tussen wanneer je een object aanbesteedt of wanneer een serie aan objecten aanbesteedt?” Een deelnemer legde gelijk de vinger op de zere plek met zijn praktijkobservatie door te stellen dat er “meer gegadigden bij seriematig aanbesteden zijn, dan bij een aanbesteding van 1 object.”
Louisa Engels lichtte vervolgens het juridische kader toe. “Het bundelen van objecten in één aanbesteding is volstrekt legitiem, maar je moet wel kunnen motiveren waarom,” stelde zij. Tegelijkertijd benadrukte zij dat samenvoeging niet onnodig mag zijn en moet worden getoetst aan onder meer marktstructuur, MKB-toegang, organisatorische impact en de onderlinge samenhang van opdrachten.
Contractuele vormgeving
Een belangrijk onderdeel van de workshop ging over de contractuele vormgeving van seriematige opdrachten. Daarbij is besproken hoe je met herzieningsclausules vooraf ruimte kunt creëren voor toekomstige opties, mits deze helder en ondubbelzinnig zijn vastgelegd en de aard van de opdracht niet wezenlijk verandert. Ook kwam de herhalingsopdracht aan bod als instrument om soortgelijke werken of diensten binnen een afgebakende periode opnieuw in te zetten, zolang dit vooraf is voorzien en inhoudelijk aansluit op het oorspronkelijke project.
Daarnaast is ingezoomd op de raamovereenkomst als veelgebruikte structuur binnen seriematige aanbestedingen. Deze biedt de mogelijkheid om gedurende een bepaalde periode de voorwaarden voor toekomstige opdrachten vast te leggen, met als doel flexibiliteit te combineren met voorspelbaarheid.
Randvoorwaarden
Engels ging vervolgens in op de randvoorwaarden voor seriematige aanpak. Essentieel zijn een stevige motivering van keuzes, een heldere afbakening van scope en mechanismen, en een expliciete koppeling tussen gunningscriteria en de gekozen systematiek. Ook benadrukte Engels dat vrijwel alle contractvormen toepasbaar zijn, afhankelijk van de aard van de opgave, waaronder UAV, UAV-GC, bouwteamconstructies, twee-fasenmodellen en hybride contracten.
Na het juridische gedeelte nam Henberto Remmerts (TAUW/De Bouwcampus) het woord. Hij introduceerde de bouwstenen van seriematig aanbesteden, die zijn gebaseerd op een analyse van zestien verschillen tussen enkelvoudige en seriële aanbestedingen en twintig praktijkprojecten. Daaruit komt naar voren dat seriematige aanpak kan leiden tot minder faalkosten, snellere uitvoering door standaardisatie en een groter lerend vermogen binnen projecten.
Remmerts plaatste deze inzichten in een bredere context van sectorale druk: groeiende vervangings- en renovatieopgaven, toenemende vraag vanuit onder meer energie en defensie, en een afnemende beschikbaarheid van personeel. Seriematig aanbesteden is dan een mogelijke strategie om capaciteit effectiever te benutten.
Praktijkcasus
Isabelle de Jong (CMS) legde de deelnemers een fictieve praktijkcasus voor. De casus bestond uit het gezamenlijk aanbesteden van duizenden bruggen, variërend van kleine vaste bruggen tot beweegbare en monumentale objecten. Gezamenlijke doelstellingen betroffen kostenbesparing, duurzaamheid, beperking van omgevingshinder en een levensduur van minimaal 50 jaar na renovatie of vervanging. Daarna gingen de deelnemers met deze casus aan de slag.
Tijdens de evaluatie is besproken hoe inspectiewerk binnen contracten voor urgente objecten het beste kan worden gestructureerd. Daarbij kwam naar voren dat uitsplitsing in categorieën verstandig kan zijn, omdat je daarmee verschillende marktsegmenten bedient. Bij het bepalen van de omvang van percelen is het van belang om te streven naar een optimale schaal: als 30 bruggen bijvoorbeeld de ideale omvang is, moet je dan doorgroeien naar 60, of leidt dat juist tot onnodige clustering? De kern daarbij is dat keuzes altijd goed gemotiveerd moeten worden, met oog voor zowel marktwerking als uitvoerbaarheid.
De bijeenkomst is afgesloten met de conclusie dat de aanbestedingsregels ruimte bieden voor seriematige aanpak, mits keuzes zorgvuldig worden onderbouwd. Louisa Engels sloot de bijeenkomst af: “Een goed, doordacht én gemotiveerd begin is het halve werk!”
Doe mee aan de workshopreeks
Wil je zelf aan de slag met dit soort praktijkcasussen over de inrichting van seriematige opdrachten en samenwerking in de sector? Meld je dan aan voor een van de workshops in deze reeks. De eerstvolgende is op 19 mei in Den Haag. Klik hier voor meer informatie.
Bekijk hier de video voor een sfeerimpressie van deze workshopreeks: