Daar zijn grote investeringen mee gemoeid, en dus gaat het debat al snel over geld. Over budgetten, tekorten en verdeling. Begrijpelijk. Maar wat mij betreft raakt die discussie slechts een deel van het probleem. Want zelfs als het geld er is, lopen we vast. Simpelweg omdat we de mensen niet hebben om de werken in die enorme aantallen uit te voeren. Maar vooral ook omdat we de neiging hebben om telkens opnieuw dezelfde oplossingen te zoeken in hetzelfde systeem dat ons hier heeft gebracht.
De eerste uitkomsten van onze grote Vervanging & Renovatie-enquête laten dat ook scherp zien. Geen theorie, maar praktijk. 39 overheden 26 gemeenten, 12 provincies en één waterschap deelden hun ervaringen. Natuurlijk nog lang geen volledig beeld, de enquête loopt dan ook nog door, maar wel al een betekenisvol signaal.
Wat opvalt? Dat de wil om samen te werken groot is. Kennisdelen, standaardiseren, uniformeren, collectief seriematig werken, het wordt door de respondenten breed gezien als noodzakelijk. Maar tussen inzicht en uitvoering zit nog altijd heel veel ruimte. Het systeem is ingericht op afzonderlijke projecten, lokale optimalisatie en kortetermijnkeuzes. Terwijl de opgave juist vraagt om samenhang, continuïteit en een lange adem.
En toch: het kan wél. Zo wordt bijvoorbeeld in Zeeland niet harder gewerkt, maar anders gedacht. Door projecten anders te faseren, sneller uitvoerbare projecten naar voren te halen en pieken in de uitvoering af te vlakken, ontstaat rust en voorspelbaarheid in de keten. Het effect is significant: met dezelfde mensen kan naar verwachting vijftien procent méér worden gerealiseerd. Geen wondermiddel, wel een andere manier van kijken.
Daar zit naar mijn idee de échte versnelling. Niet in meer geld alleen, maar in durven veranderen. In organiseren in plaats van reageren. In samen leren in plaats van ieder voor zich. De opgave is ongekend groot. Maar de noodzaak om het anders te doen is zonder twijfel nóg groter.
Nynke Sijtsma,
Directeur De Bouwcampus