Eerste verkenningsgesprek mengen van wonen-werken

Eerste verkenningsgesprek mengen van wonen-werken

Op 4 juni organiseerde De Bouwcampus samen met de gemeente Delft en de Verstedelijkingsalliantie een verkenningsgesprek over het onderwerp ‘mengen van wonen en werken bij stedelijke transformatie’. 

Kennismaken

Wat geeft de aanwezigen energie of juist helemaal niet bij deze opgave?

  • 'Genoeg van monocultuur’
  • 'Geen saaie woonwijken meer ontwikkelen’
  • Uitdaging om de tussenweg of integratie te vinden voor wonen en werken
  • Kans om een volgebouwd groene hart tegen te gaan
  • Het gaat over de toekomst van de stad 
  • De complexiteit van de opgave, de voordelen van menging, het doorbreken van de bestaande cirkelbewegingen tussen uitdagingen en belemmeringen, het is een ontwerpopgave, het is vernieuwing, het maken terugbrengen in de maatschappij, pionieren, jeugd, spanningen, kansen en oplossingen, het gaat over leren en luisteren, laten we elkaar inspireren en (kennis)delen over de gemengde samenstelling, de beelden van de toekomst kunnen we nu waarmaken!     

Deelnemers  

deelnemerslijst4juni nw

Inleiding

 

In de zuidelijke Randstad moeten tot 2040 circa 240.000 woningen worden gerealiseerd, waarvan zeker 170.000 in bestaand, stedelijk gebied. De Verstedelijkingsalliantie is opgericht met als doel om de versnelde ontwikkeling van woningbouwlocaties mogelijk te maken. Delft Schieoevers-Noord is een van de 13 locaties van de Verstedelijkingsalliantie waar deze woningbouwopgave gerealiseerd dient te worden. Tegelijkertijd is Schieoevers-Noord op dit moment een (succesvol) bedrijventerrein. Doel is om van de wijk Schieoevers-Noord een uniek gemengd stedelijk gebied te maken. Waar gewoond, gewerkt en gerecreëerd wordt

Tijdens de inleiding is kort de opgave voor Delft en de Verstedelijkingsalliantie geïntroduceerd en de activiteiten die in dit kader op De Bouwcampus worden gefaciliteerd. Hoe kunnen deze werkvormen en locaties slim worden vermengd met wonen? Welke ‘nieuwe’ bedrijven zijn er te mengen? Is hier een globaal profiel van te maken? Er wordt deze avond ingegaan op de casus Delft om vanuit het concrete naar het bredere perspectief te kunnen kijken, ook internationaal. De Randstad biedt  door de samenwerking, doelstelling en potentie van de Verstedelijkingsalliantie kansen om de opgave op een andere manier te benaderen.

Als slot van de inleiding wordt ingegaan op de usual suspects. Welke uitdagingen komen voort uit de opgave waar Delft en de Verstedelijkingsalliantie voor staan en welke belemmeringen kunnen worden opgeschreven als wij de problematiek van het mengen van wonen en werken op de traditionele manier bekijken?

 uitdagingen

 

belemmeringen

Ervaren wordt dat dezelfde vraag stellen dezelfde antwoorden oplevert. Bovenstaande uitdagingen en belemmeringen hadden ook vooraf kunnen worden opgeschreven. Hoe stellen wij de vraag echt anders, zodat er ook andere oplossingen worden gevonden? Bijvoorbeeld: hoe kunnen we het gebied klaarmaken voor welke ontwikkeling dan ook in de tijd?  

Schieoevers in 2045

Als oefening wordt met de deelnemers naar de toekomst gekeken, naar Schieovers in 2045. Eigenlijk is alles hetzelfde gebleven, er zijn wel enkele woningen gerealiseerd (750 van de 170.000), maar het is vooral industrie met diverse vervuilende en belastende activiteiten. Waarom is er niets gebeurd? Welke manieren van werken, welke keuzes, welke ontwikkelingen hadden in de periode van 2018 tot 2025 moeten zijn gemaakt om tot andere oplossingen te komen? De ambities waren er, waar zijn de betrokkenen tegenaan gelopen en hoe hebben ze daarna gehandeld?

·        ‘Wat dan’ denken versus ‘Wat als’ (risicomijdend gedrag door de betrokkenen).

·        In de tijd dat er gebouwd kon worden, is er teveel gepraat en te laat begonnen met bouwen en de volgende crises is uitgebroken. 

·        We zijn te streng bij de bestaande regels en wetgeving gebleven. Bijvoorbeeld het bestaande bestemmingsplan en WRO. De invoering van de omgevingswet is mislukt, dit had een kans geboden om het anders te gaan doen. 

·        Wat accepteren en tolereren wij als samenleving van elkaar? Er is geen cultuur van tolerantie. 

·        Teveel ouderwets denken, het Hoge Milieu Categorie-denken

o   Reguleren van effecten i.p.v. reguleren van de papieren werkelijkheid

o   Locatiespecifiek reguleren.

·        Gebrek aan durf bij ambtenaren en bestuurders.

·        Onvoldoende verdiept wat er bij bedrijven leeft en waar zij naar toe willen. Waarom verplaatsen van goedlopende bedrijvigheid?

·        Bouwtechnisch onvoldoende innovatie, geen nieuwe oplossingen voor bijvoorbeeld geluidsoverlast in hetzelfde gebouw gevonden. Nieuwe architectonische/bouwschetsen nodig voor het mengen van wonen/werken.

·        Gevaar van overheidsorganisatie, elke 4 tot 6 jaar nieuw bestuur, dan wordt alles lamgeslagen! 

·        Waar zit de continuïteit, dit is wel nodig voor de markt. Er is geen nationaal, urgent lange termijn plan.

·        De kracht van de gevestigde belangen, er ligt een enorme macht bij de organisaties die kunnen investeren.

·        Van evolutie naar een revolutie.

·        Samenwerking tussen markt en overheid is nooit geïntensiveerd à durf te pionieren.

·        We zijn reactief gebleven en achter de feiten blijven aanlopen.

·        We kunnen het niet, zulke complexe opgaven?

The Burning Question   

In drie groepen is vervolgens aan de slag gegaan met een verdere vraagverkenning op basis van de volgende thema’s en ondersteunende video’s:  

1.      De integrale stad

2.      Wetten regels en governance

3.      Genius Loci    

       1.      De Integrale stad

Video: IABR–2014– THE CHALLENGE OF THE CENTURY   

Starten met inzicht in de lokale stromen, waar praten we over? Maak die inzichtelijk en ook de onderlinge relaties. Begrijp ze ook en stel het Balans Denken centraal. Hoe breng je al deze stromen (water, CO2, biomassa, grondstoffen, energie, voedsel, ##) met elkaar in balans.

Stop denken in blauwdrukken – elke situatie/locatie is anders en vraagt om eigen ketens en oplossingen en unieke kansen door lokale krachten. Denk hierbij aan de start van de industrial ecology klassieker – Kalundborg (Dk) waar in 20 jaar gebouwd is aan een elkaar versterkend netwerk van bedrijven die onderling verbonden zijn door hun in- en outputstromen.

Maak de doelen en belangen inzichtelijk en creëer een collectief ‘wat’ denken. Met elkaar kan op heel veel manieren. Waar streven we naar?  Wat gaat er de komende 20 jaar veranderen – creëer een gezamenlijk beeld van de toekomst. Welke transformatie gaan de bestaande bedrijven doormaken – ook hun businesscases zijn in transitie. Maak duidelijk en ondersteun bedrijven hoe ze kunnen bijdragen aan een duurzame circulaire economie.

Samenvattend
We moeten de nieuwe circulaire stad, waar wonen en werken weer nauw met elkaar verweven zijn, geheel opnieuw gaan ontdekken. Het denken in de symbiose van elkaar versterkende stromen is daarbij cruciaal en zorgt voor de economische en ecologische verbinding. Durf te beginnen zonder een compleet eindbeeld.  

2.      Wetten, regels en governance  

 

Vanuit de video wordt opgemerkt dat de burgers en de bedrijven missen in de video. Terwijl dit de eindgebruikers zijn van het gebied. In plaats van te focussen op de belemmeringen van de regels wordt gefocust op de kansen die regelgeving nu al geeft. Wat willen de bewoners en de bedrijven en met welke ambities gaat men aan de slag, met welke stip op de horizon ga je aan de slag en hoe flexibel ben je hierin, de stip moet kunnen verschuiven. De Crisis en Herstelwet biedt reeds kansen voor het mengen van wonen en werken. Oproep om gebruik hiervan te maken en alvast te pionieren en te experimenteren. Leer elkaar, alle belanghebbenden, goed kennen, van bedrijven tot burgers. Tevens een oproep voor de kaderstellende Provincie voor het ruimtegebruik. Maak bijvoorbeeld gebruik van een kameleon-plan, hierbij kun je in het transitieproces het ruimtegebruik en juridische instrumenten flexibel inzetten. Focus hierbij niet op het aanbod dat je wilt realiseren maar op de vraag die er nu is.

Samenvattend

Er is binnen de bestaande wetgeving al veel mogelijk. De komst van de Omgevingswet speelt hierbij een belangrijke ontwikkeling. Er moet een andere vraag worden gesteld: Niet wat zijn de regels, maar waarom zijn er regels?  

 

3.      Genius loci: de geest van de plek  

 

Zoektocht naar de burning question leverde het volgende op:

Gaan we wel uit van de juiste oplossingsrichtingen?

Hoe ontwikkelen we inclusieve steden en stedelijke regio’s en eigen positie in het geheel? Er is een stedelijk weefsel nodig, met ander type begrenzingen dan de verschillende gescheiden monofunctionele gebieden. Hoe ziet dit eruit? Waarom al die regels? Kunnen we gaan investeren in de creativiteit? Hoe krijg je de balans in allerlei ontwikkelingen en op allerlei niveau’s de dialoog gaande over de juiste vraag? Dit gaat ook over een nieuwe democratie en de ruimte om te experimenteren.

Kunnen we ook groter gaan denken, dan de opgave per gebied? Kunnen we dit vraagstuk bijvoorbeeld op internationaal niveau bekijken (bv. de unieke toonaangevende ontwikkeling van onze Delta als onderdeel een van de belangrijkste havens in Europa)? En vanuit dit grotere geheel terugkijken naar de invloeden op een groter gebied?

Voor welke identiteit gaan we per gebied  en wat betekent dit? Als Delft bijvoorbeeld de ambitie Kennisstad heeft, waarom wordt de transformatieopgave niet ingestoken als proeftuin voor eigen kennisinstellingen over hoe het wel kan? Bijvoorbeeld: Er is een enorme ruimtevraag. Wat levert het auto vrijmaken van de stad voor nieuwe concepten op? Hoe kunnen we dan verschillende vervoersmodaliteiten koppelen? Kunnen we bestaande infrastructuur (dus oa. het water) gebruiken voor de nieuwe betekenis en een impuls op het gebied van wonen en werken? Of
Hoe is het mogelijk om al geleidelijk aan mensen hierheen te trekken zonder dat ze zich definitief hoeven te verbinden door koop?

De nieuwe bewoners kunnen hier als een soort artists in residence een jaar proefwonen. Hierdoor wordt de stap naar deze nieuwe manier van wonen en werken verkleind en bouwen we aan een cultuurontwikkeling met meer tolerantie.

Aanbevelingen voor het vervolg

·        Denken in beelden i.p.v. woorden helpt om tot de kern te komen.

·        Kunnen we nog meer loskomen van de ideeën die nu gelden. Wellicht is het wonen in de stad over een paar jaar niet meer populair of zijn er hele andere woonvormen denkbaar om het groen nog meer in de stad te krijgen.

·        Kunnen we de volgende generatie ook bij deze opgave betrekken?

·        Interessant om te ervaren welke diverse aspecten aan bod kwamen op deze manier, allerlei punten waarover het onderlinge gesprek nu niet gevoerd wordt.

·        Belang van het koppelen van ontwikkelaars, bedrijven en gebruikers door de faciliterende overheid. 

·        Hoe gaan we meer redeneren vanuit de gebruiker (aanbod versus vraaggedreven)?

·        Het is van belang om de kennis en kunde binnen Nederland en daarbuiten te mobiliseren.

·        Inzichten verwerven door te gaan doen, maak experimentgebieden en leer daarvan – er wordt nu heel veel gepraat maar nog veel te weinig gedaan. Delft zou hier heel goed met alle technologische maakpower de lead in kunnen nemen.


Presentatie: Projectleider Derk van Schoten over Schieoevers-Noord   

Samenvatting resultaten Verkenningsgesprek 1

Tweede verkenningsgesprek mengen wonen-werken bij stedelijke transformatie

 

 

Ruimte voor experimenteren

Deel deze pagina