Blog ConsulTable – Innovaties inkopen

Blog ConsulTable – Innovaties inkopen

Door Annoesjka Nienhuis

Op de ConsulTable* bijeenkomst in december hebben we het op de elfde verdieping van het stadskantoor in Utrecht gehad over innovaties inkopen en aanbesteden vanuit overheden. Met gevoel voor symboliek kletterde de hagel ondertussen woest tegen het raam. Tijdens de uiteenzetting van de drie cases uit de gemeente Utrecht, Eindhoven en RWS kwamen verscheidene vragentekens naar boven bij de huidige bureaucratische manier van opereren en de beperkte ruimte die overheden krijgen en nemen om innovatieve partijen een opdracht te gunnen.

Geplaatst: 30 januari 2018

Deel deze pagina

Deze blog geeft een opsomming van vragen die bij ons leven en een aantal antwoorden daarop. 

Vragen

Hoeveel ruimte wil en kan je geven als overheid voor innovatie? Pilots in de openbare ruimte kunnen klein zijn, maar vaak zijn ze groot en dan mag het niet mislukken. Neem je dan niet teveel risico? Stellen we in ons publieke stedelijke beleid niet zelf te strakke kaders waarbij we onszelf afknellen? Als overheid ga je niet de ontwikkelkosten van een marktpartij betalen of kan dat in sommige gevallen wel, omdat er anders nooit iets verandert. En van wie is dan het intellectueel eigendom? Zeker in de civiele sector bestaan de meeste klanten uit publieke partijen, dus dan kan een innovatie alleen getest en vermarkt worden via de overheid. Beide hebben immers belang bij het succes van een innovatie en de publiciteit eromheen. Ook overheden concurreren nationaal en internationaal om elkaar scherp te houden, net als marktpartijen. En hoe komen we tot systeeminnovaties als publieke partijen niet mee willen of mogen bewegen? Hoe komen de veelal ambitieuze rijksdoelstellingen op bijvoorbeeld circulaire economie in aanbestedingen terecht? Systeeminnovaties vragen vaak een verandering van mindset van meerdere organisaties in het systeem. Hoe zorg je ervoor dat iedereen tegelijkertijd mee verandert met een open mind, open hart en open wil? 

Zowel de private als de publieke leden van de ConsulTable vinden het belangrijk dat overheden ruimte bieden in hun uitvraag, zodat marktpartijen de kans krijgen om te innoveren. Hoe formuleer je een uitvraag die voldoende ruimte laat voor innovatie en tegelijkertijd de ergste risico’s uitsluit? En hoe vertaal je de leerpunten uit een succesvolle pilot in een aanbesteding? Want je wilt het niet te eng omschrijven, zodat alleen de partijen uit de pilot zich in kunnen schrijven, maar ook niet te ruim zodat je te veel traditionele aanbiedingen krijgt. Innovaties komen vaak uit onverwachte hoek, dus hoe geven we de 'unusual suspects' zoals MKB-ers, ZZP-ers en partijen uit andere sectoren een kans om mee te bieden? Als een ZZP-er een prijsvraag wint voor een omvangrijk vraagstuk, hoe giet je dat dan daarna in een aanbesteding waarop deze ZZP-er in kan schrijven en niet wordt opgeslokt of weggedrukt door een grotere partij? 

Antwoorden

Op bovenstaande vragen hebben we niet alle antwoorden. Wel kwam naar voren dat overheden hun eigen beleid door de jaren heen hebben aangepast ten gunste van innovatie (= beleidsinnovatie, zie figuur): sinds de tweede Innovatie-estafette van 2007 eist RWS, dankzij een convenant met de sector, steeds minder octrooien op, maar werkt veel meer met licenties, zodat het intellectueel eigendom bij de marktpartij blijft. Ook wordt er binnen veel overheden steeds meer functioneel aanbesteed in plaats dat ze bestekken uitzetten. Ook wordt er niet meer alleen op prijs gegund, maar op het bredere begrip waarde via het principe van Economisch Meest Voordelige Inschrijving (EMVI). Deze maatregelen bieden private partijen meer ruimte voor innovatie.

Om alle vormen van innovatie te stimuleren en te betalen, werken markt, kennisinstellingen en overheden al heel lang samen via pre-concurrentiele programma’s zoals PSIBouw, Energiesprong en De Bouwcampus. Ook kennisinstellingen zoals ISSO en CROW ontwikkelen samen met marktpartijen en overheden nieuwe oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Wel hebben deze programma’s te maken met steeds minder budgetten.

Om de financiële kosten rond innovaties (meestal product en proces innovaties) te verzachten voor bedrijven kunnen zij gebruik maken van de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO). De WBSO bestaat al jaren en is zeer succesvol. Het biedt bedrijven een fiscaal voordeel door de uren die aan onderzoek en ontwikkeling worden besteed niet te belasten. 

Prijsvragen leiden regelmatig tot problemen, omdat de follow-up voor de winnaar niet voor het grijpen ligt. Bovendien kan het riskant zijn om de kaarten open op tafel te leggen. Voor deze patstelling kan het helpen om voor specifieke problemen eerst de techniek te tenderen en pas daarna de verdere ontwerp en realisatievraag op de markt te zetten. Op deze manier hoeft bijvoorbeeld een ZZP-er met een slim idee geen uitvoeringsorganisatie op te zetten of te zoeken als hij/zij wint om aan zijn innovatie te verdienen.

Daarnaast denken we dat het interessant is om de samenwerking of het samenwerkingsproces aan te besteden en niet meer het product of de dienst (= beleidsinnovatie, zie figuur). Een nieuwe manier van werken die hier op in speelt is bijvoorbeeld het MKB convenant. Dit soort vormen van samenwerken worden bij de invoering van de omgevingswet in 2021 makkelijker om toe te passen. Nu blijft het vaak nog hangen in pilots.

Om de markt meer ruimte voor innovatie te geven, helpt het als overheden andere vragen stellen. Een voorbeeld van vraaginnovatie (zie figuur) is bijvoorbeeld het tenderen op tijd in plaats van geld, zie Halftime. Het zou heel normaal moeten zijn om maatschappelijke doelstellingen in een uitvraag te verwerken. De huidige problematiek rondom sociale ongelijkheid en het klimaat vraagt om een volgende stap van de Economisch Meest Voordelige Inschrijving (EMVI) naar de Maatschappelijk Meest Voordelige Inschrijving (MMVI).

Blog Consultable figuur

Figuur: Verschillende soorten innovatie (bron: NIDO Duurzaam Uitbesteden 2003)

* In 2004 is de ConsulTable gestart binnen het programma van PSIBouw. De ConsulTable maakt deel uit van het netwerk van De Bouwcampus en is een tafel voor adviserend ingenieurs die actief zijn in de sector van de gebouwde omgeving. De tafel bestaat uit circa tien enthousiaste netwerkers en beïnvloeders uit private en publieke consultancybureaus. De tafel komt vijf keer per jaar op wisselende locaties bijeen, waarbij een positief kritische kijk op de eigen rol in de sector niet uit de weg wordt gegaan. Lees meer over de ConsulTable in het co-creatielab.